De volgende dag moesten we vroeg opstaan om een wandeling maken naar Peninsula National Park. Vroeger opgestaan, maar niet vroeger vertrokken :p De buurvrouw hopte ook nog even binnen voor en kopje thee en een babbeltje. Supervriendelijke mensen hier allemaal. De wandeling langs het pad was onze eerste echte boservaring en onze eerste echte kans om wat kangoeroes te spotten. Wat we al tamelijk vlug deden. Er zaten er massa’s op een heuvel in de verte. Tijdens onze wandeling hebben we ook nog een blauwtongskink gespot die heerlijk lag te zonnebaden.
 |
| Annelies en jasons huis |
 |
| eerste kangoeroes gespot |

Uiteindelijk kwamen we aan het strand en werden we al direct gewaarschuwd door een voorbijganger voor de dazen. Onze eerste blik ging natuurlijk eerst naar de prachtige rotsformaties en de zee, maar we zagen alle dazen al snel. Met duusd waren ze. Gelukkig had ik sjanse en waren ze niet echt geïnteresseerd in mij, maar natuurlijk wel weer in Bart die een aantal keren gebeten werd. De wind waaide enorm hard, waardoor Jason een keertje mijn hoed mocht gaan redden van de verdrinkingsdood. Er lag ook duusd zeewier op het strand. Zoveel had ik er nog nooit gezien en ze voelden aan als superdik rubber. We wandelden verder op de rotsen en konden daar op zoek gaan naar allerlei kleine wezentjes die in het water leefden. We vonden kleine krabjes, zeeslakjes, anemonen, … . Allemaal superfascinerend, maar na een tijdje moesten we toch maken dat we terug op het strand waren. Als het tij namelijk verandert en de zee stijgt terug kan je ingesloten worden door het water en wordt het best wel gevaarlijk. Allemaal terug naar het strand dus, springend van steen tot steen. Terug over het water proberen te springen, de dazen proberen te negeren en weg te slaan, trapjes op en terug naar het wandelpad. We hebben nog een paar kangoeroes gespot op de terugweg. Ze zijn best wel moeilijk te zien en goed gecamoufleerd.

 |
| blauwtongskink |
 |
| ik en Annelies |







Het begon lichtjes te regenen dus haastten Jason en ik ons naar de auto. Uiteindelijk kwamen Bart en Annelies achter die ook nog een kangoeroe hadden gespot en konden we aan onze picknick beginnen. ’S Avonds hebben we niet echt tea gegeten aangezien er blijkbaar iets fout te gaan met mijn oog. Ik had het gevoel dat er iets in was gevlogen in de ochtend en het begon me echt te irriteren. Jason (hij is verpleger/nu kunstenaar) stelde voor om een eyebath te nemen. Blijkbaar ben ik een grote woosie met water in mijn ogen dus ik kreeg mijn oog zelf bijna niet open als ik dat bad erop had. Daarna probeerde Jason het eruit te flushen, maar dat werkte ook niet. Het irriteerde me enorm en mijn oog zat constant te tranen en ik kon dus absoluut niet goed zien. Het voelde een beetje beter aan als het toe was, zodat het niet constant geïrriteerd was door het knipperen. Dus Jason pakte zijn emergencykit en ik kreeg een eyepatch op. Een superbelachelijk gezicht, het leek wel alsof mijn oog eruit was. Het pintje bier hielp wel wat en het lachen en praten. We zijn dan toch maar vroeg gaan slapen in de hoop dat het oog beter werd als ik opstond.

 |
| zoek de kangoeroe |
 |
| heerlijke picknick |
Geen opmerkingen:
Een reactie posten